Ik bestel eten bij een Thais restaurant naast het hotel waar ik verblijf, alsof de avond daarmee al besloten is. Met behulp van het hotelpersoneel open ik een fles rode wijn. Wanneer ik aankom op mijn kamer, zie ik dat de schoonmaakster bezig is om mijn beddengoed te verschonen. “Zo laat nog?”denk ik. En zeg: “No Worries, I will head somewhere else”.
Ik neem de lift naar de zestiende verdieping waar de skylounge is.
Er zijn weinig mensen hier. Een westerse vrouw, ik gok Amerikaans, zit aan de rand, met het beste uitzicht over de stad. Ze heeft een zak met een gouden boog bij zich. Ik hoor haar een hamburger uit de zak halen, terwijl ik reflecteer op de afgelopen dagen.
Ik verkende ik de stad (opnieuw). Ik liep meerdere halve dagen langs bekende en onbekende plekken. Ontdekte verborgen boekenwinkels en at lokaal eten dat ik nog nooit eerder had. Ik nam alles beter op. Ik genoot meer. Tijdens wandelingen en etentjes sprak af met vrienden die ik hier leerde kennen en die ik nog wilde zien voordat ik vertrek.
Maar dit is geen afscheid.
Singapore zal er altijd zijn. De momenten zijn vastgelegd in mijn geheugen en op foto’s. Ik ben dankbaar voor de tijd die ik hier heb gehad. Ja, ik heb de afgelopen dagen momenten van onbehagen gehad. Omdat ik niet weet wat er op me af zal komen. Ik realiseer me maar al te goed wat ik heb achtergelaten.
Een nieuwe energie bruist door mijn lichaam en ik voel me vrij.
En ik omarm de toekomst met beide armen.


Leave a comment